Eigenrisicodragers voor de WGA realiseren aanzienlijk meer uitstroom uit de WGA dan UWV. Dit blijkt uit onderzoek dat de uitkeringsinstantie heeft uitgevoerd. Vooral de uitstroom naar de IVA is bij private uitvoering vele malen hoger. Maar eigenrisicodragers slagen er ook vaker in om WGA’ers te laten uitstromen naar werk.

De bevindingen van UWV zijn een bevestiging van de positieve cijfers die Acture (het zusterbedrijf van ActivaSZ, red.) twee jaar geleden publiceerde. De uitkeringsinstantie meldt dat eigenrisicodragers eind 2017 20% herstel hadden gerealiseerd bij mensen die in 2006 instroomden. Bij publiek verzekerde werkgevers lag dit op 16%. Bij doorstroom naar de IVA zijn de verschillen nog veel groter. Hier scoorden eigenrisicodragers 42% en UWV 27%.

Verhoudingen bij instroom omgedraaid

Het UWV-onderzoek gaat alleen over werknemers die vanuit een vast dienstverband instromen in de WGA. De invoeringsinstantie ziet bij hen geen verschil tussen publiek verzekerde werkgevers en eigenrisicodragers op het gebied van instroompreventie. De onderzoekers concluderen hieruit dat eigenrisicodragen vooral loont via het bevorderen van de uitstroom. Een belangrijke kanttekening is dat eigenrisicodragers in 2010 nog een hogere instroom hadden dan publiek verzekerde werkgevers (0,11% versus 0,10%). Eind 2017 was die verhouding inmiddels omgedraaid (0,13% versus 0,14%).

Instroompreventie vergt wel degelijk aandacht

Het is ook de vraag of UWV het juiste signaal afgeeft als het constateert dat er bij instroompreventie weinig ruimte is voor verbetering. Nu de arbeidsmarkt de laatste jaren sterk is geflexibiliseerd, wordt het steeds belangrijker om naast de instroom van vastedienstverbanders ook die van flexwerkers te bekijken. Dit is ook het doel van de Wet Bezava, die werkgevers sinds 2013 financieel verantwoordelijk houdt bij instroom van deze groep in de Ziektewet en de WGA. In 2017 bleek dat betere instroompreventie bij flexwerkers een miljoenenbesparing oplevert.

Meer informatie

Gerelateerd