UWV heeft nieuwe uitvoeringsregels gepubliceerd voor (onder meer) ontslag wegens langdurige arbeidsongeschiktheid. De uitvoeringsinstantie verduidelijkt hierin vooral de plichten van werkgevers op het gebied van herplaatsing. Ook is een verheldering opgenomen van de procedure bij bezwaar tegen een WIA-beslissing. Een overzicht op hoofdlijnen.

Verplichtingen actieve herplaatsing
De voornaamste verhelderingen in de nieuwe uitvoeringsregels liggen op het gebied van de verplichtingen rond herplaatsing van een langdurig arbeidsongeschikte. In de praktijk was soms onduidelijk welke inspanningen UWV op dit terrein precies verlangt. De nieuwe publicatie maakt duidelijk dat de werkgever:

  • actief moet onderzoeken of herplaatsing mogelijk is (alleen vacatures rondsturen is bijvoorbeeld onvoldoende);
  • met een verklaring van de bedrijfsarts inzicht moet geven in de belastbaarheid van de werknemer;
  • met de werknemer moet afstemmen wat voor hem passende functies en aanvaardbare arbeidsvoorwaarden zijn (maximale reistijd woon-werk, minimaal salaris, eventuele plaatsing bij een andere vestiging of een ander groepsonderdeel);
  • op basis van de overeengekomen afbakening bij de ontslagaanvraag een overzicht moet geven van actuele en binnen de redelijke termijn te verwachten vacatures én alle door plaatsmakers bezette arbeidsplaatsen.

Redelijke termijn herplaatsing
Beslissend is niet alleen of een vacature binnen de ‘redelijke termijn’ ontstaat, maar ook of de langdurig zieke er binnen die termijn op inzetbaar is. Vergt een noodzakelijke cursus of opleiding meer tijd, dan mag de werkgever de functie als niet passend beschouwen. De nieuwe uitvoeringsregels verduidelijken wanneer de redelijke termijn begint en eindigt:

  • het startpunt is altijd de datum waarop de wettelijke loondoorbetalingsverplichting verstrijkt;
  • het eindpunt hangt af van de duur van het dienstverband en de situatie van de werknemer en varieert van 1 maand tot 26 weken. De uitvoeringsregels geven een overzicht van alle (zes) mogelijkheden.

Procedure bij bezwaar tegen WIA-beslissing
Als tijdens de ontslagprocedure blijkt dat de werknemer bezwaar heeft gemaakt tegen een WIA-beslissing, kan UWV de behandeling van de ontslagaanvraag opschorten. De nieuwe uitvoeringsregels verduidelijken dat:

  • UWV hierbij een essentiële randvoorwaarde hanteert. De beslissing op het bezwaar moet relevant (kunnen) zijn voor de vraag of herstel voor (al dan niet aangepast) eigen werk mogelijk is, of anders herplaatsing in een andere passende functie;
  • een bezwaar van de werknemer tegen een beslissing van UWV om de werkgever geen loonsanctie op te leggen nooit reden kan zijn om de behandeling van de ontslagaanvraag op te schorten.

Meer informatie

Gerelateerd